Een ware mens…

cold-winterday-the-oak-couple-in-the-backyard

De zon komt op achter de bomen. Het is een koude winterdag. Het eiken koppel voelt zich goed hier, ze zijn gelukkig. Er is geen blad op hun hoofd die er aan denkt om hier weg te gaan.

Omdat het schrijven op deze blog niet vanzelfsprekend is. Omdat het leven zelf regelmatig dingen van mij eist die ik niet altijd begrijp en die soms moeilijk onder woorden te brengen zijn. Omdat we in gevaarlijke tijden leven en constant attent en wakker moeten blijven om niet mee in die stroom van destructie en onheil opgeslorpt te worden. Omdat ik hier op deze plek die ik Urd ar Brunnr ben gaan noemen mijn zesde jaar tegemoet ga. Omdat ik hier een vrij solitair leven leidt. Omdat ik me elke dag weer opnieuw afvraag wat ik hier eigenlijk doe. Omdat ik iedere dag hier op deze plek als een geschenk ervaar. Omdat twijfel menselijk is en normaal en nodig enz. Omdat, omdat, omdat… Waarom eigenlijk?

reflexion

Reflecties

Ik weet niet goed of ik deze blog levend ga houden omdat ik steeds het gevoel heb dat ik maar weinig mensen kan bereiken. De bedoeling was dat ik in mijn moedertaal zou schrijven terwijl net het contact met nederlandstaligen meer en meer verwatert, in levende lijve althans. Dat komt natuurlijk omdat ik nu in Frankrijk woon en er hier geen nederlandstaligen zijn, ok één of twee misschien. Door hier te wonen, in een vreemd land met vreemde mensen die ik ook niet altijd goed begrijp, heb ik niettemin wortels ontwikkeld die mij met de bretoense grond en cultuur verbinden. Ik leef hier op een sobere, frugale wijze, met weinig inkomen. Ik beperk mijn inkopen, ik ga nooit of zelden op reis en ik probeer mijn voeding zelf te produceren, ik ben al 25 jaar vegetariër dat lukt dus redelijk. Ik heb geleerd dat zo’n leven niet alleen mogelijk is maar ook wenselijk als men een evenwichtig bestaan wenst voor zichzelf. Ik ga dus niet klagen, het is een keuze die ik genomen heb, een bewuste keuze. Deze plek heeft mij best wat dingen ontnomen maar ook veel geschonken eigenlijk.

the-brunnr-of-urd-ar-brunnr

de bron van “Urd ar Brunnr”

Als je in het midden van de natuur ga wonen en als je dan bewust contact zoekt met al de levensvormen die je omringen, bomen, planten, wilde dieren, vogels, insecten en als je de vier elementen herkent en beleeft in alles rondom jou maar ook in jezelf, aarde, water, vuur en lucht, dan gaan er vanzelf “dingen” tot je komen, ideeën, inzichten of wetenswaardigheden. Deze “dingen” vind je niet in boeken of op het internet. Het zijn die oeroude geheimen waarvan je dacht dat zij onherroepelijk vernietigd waren door de waanzin van het patriarchaat. Niet dus ! Je intuïtie werkt nu op volle toeren. Je communiceert met planten en dieren en zelfs stenen geven soms wat van hun mysterieuze geheimen. Je bent geaard want je lichaam is één met Aarde, ik bedoel echt fysiek, de elektromagnetische stroom van Aarde en Zon spiraleert door je lichaam. De Aarde voedt je en jij voedt ook Haar. Er is symbiose.

Je wordt dan een echte “hagezus” in de ware betekenis van het woord. Ik weiger het woord heks te gebruiken omdat dat zo’n  zwaar péjoratief woord is, het refereert naar kwaadaardigheid  enzovoort en dat is het absoluut  niet, het is het meest goed-Aardige werk ooit, je werkt immers samen met Aarde. Je gaat dan bijvoorbeeld die kruiden tegenkomen die je dan gaat verwerken tot het kruidenmiddel die je net nodig hebt. Je gaat met een paar specifieke planten communiceren, op een non-verbale intuïtieve wijze, die je dan allerlei geheimen toefluisteren. Oh, de dingen die ik zo te weten ben gekomen, kleine geheimpjes die ik voorlopig graag voor mijzelf hou. Je gaat liedjes beginnen zingen die zomaar uit het niets lijken te ontstaan. Je beweegt jezelf op een nieuwe manier. Je komt meer en meer wilde dieren tegen alsof ook zij contact met jou willen zoeken, alhoewel zij enorm op hun hoede zijn met al die jagers hier.

the-old-birchtree-and-her-inhabitants-such-a-friendly-soul

Berk en haar medebewoners, zij is zo’n vriendelijke ziel

Het is echt ongelofelijk wat ik hier in de voorbije vijf jaar geleerd heb. Ik heb leren werken met aarde-water-vuur-lucht door mijn lichaam als medium te gebruiken, door te luisteren, te zien en te voelen naar alles wat op mij afkomt. Dit is ware meditatie, niet het stilzitten op een trendy kussen, niet het herhalen van hetzelfde woord opnieuw en opnieuw. Neen, dit is compleet anders ! Je gaat geen altaar maken, geen tempels bouwen en geen beelden aanbidden. Je hebt deze niet nodig omdat de natuur zelf je altaar en je tempel wordt en elke boom, elke steen een beeld.

de-desolaatheid-der-dingen

De desolaatheid der dingen… soms…

Je gaat je dan de ritmes van de natuur automatisch eigen maken. De seizoenen krijgen een duidelijke betekenis waarmee je leert werken, er wordt niets geforceerd, alles komt er op het ogenblik dat het moet komen. Je weet waar en wanneer de maan opkomt, in welke fase ze is, welk invloed ze die dag op jou heeft, je gaat de zon elke dag eren, vooral bij het opgaan en het ondergaan. Je leert dan ook dat je als wezen deel uitmaakt van een veel groter geheel. Je leert energie op de juiste manier te gebruiken, je leert je lichaam en je ziel te helen maar ook je omgeving en zelfs Aarde zelf heeft daar baat aan. Je leert deze universele energie in goede banen te leiden om het werk dat je geroepen bent te doen tot een goed eind te brengen. Je wordt dan eindelijk Mens.

Ik wens iedereen een vruchtbaar en magisch jaar.

En voor later zien we wel weer.

Mist…

into-the-mistInto the mist…

Deze ochtend ben ik wat vroeger opgestaan dan gewoonlijk, het was een mistige ochtend. Raar genoeg wordt ik altijd wat vroeger wakker als het mistig is, er is dan iets dat mij aanroept, ik heb daarbij steeds een vaag gevoel van het Andere, het onzichtbare, datgene dat in de mist wat zichtbaarder wordt, van een aanwezigheid, van watergeesten en landgeesten en andere entiteiten …

Soms ga ik dan een vroege ochtendwandeling doen in de hoop iets of wat magisch te zien, te horen of te voelen en soms neem ik mijn fototoestel mee, je weet maar nooit…

river-spiritMijn ontmoeting met de Geest van de Aulne rivier,

ik zag haar pas later toen ik mijn foto’s bekeek (deze foto is van een paar jaar geleden).

Bretagne is natuurlijk zo’n land waar altijd wat magische sfeer rondhangt, zeker de streek rond Huelgoat met zijn oeroude bossen en zijn vele waterbronnen is daar al altijd voor berucht geweest. Mythes rond feeën en kwade geesten zijn hier overal te vinden of ook verhalen over ridders die koning worden, zwaarden die uit stenen getrokken worden, ronde tafels, machtige priesteressen op eilanden enz…

De Herfst begint vandaag, de equinox-tijd geeft mij steeds het gevoel van tussen twee werelden te balanceren, op het randje als het ware. Mist en mysterie zijn onafscheidelijk verbonden. En er is geen betere periode dan de herfst om kennis te maken met wat ik het Andere Land ben gaan noemen.

the-other-world

The Other World

Het Andere Land kan gezien worden als een spiegelbeeld van onze eigen wereld, het is gelegen in een andere dimensie en wordt zichtbaar of voelbaar in de verborgenheid van de geest.

Het zijn de werelden van de voorouders, van de elfen en natuurgeesten, van de goden.

Het zijn de werelden Asgaard , Midgaard en Helheim – drie van de negen werelden van de Oud-Noorse mythologie.

Het zijn de Hades en de Eilanden der Gelukzaligen van de Griekse mythologie.

Het is de Sídhe , de Tír na nÓg (land der jeugdigen) en de Tír na mBan (of het land der vrouwen, Avalon) van de Keltische mythologie

Mensen zijn al zeer vroeg in hun ontwikkeling op zoek geweest naar wegen om de verborgen wereld van de geest te onderzoeken, deze zoektocht was ook logischerwijs een extensie van hun dagdagelijks bestaan.

Animisme is het geloof of filosofische denkwijze dat alle mensen, dieren, planten, stenen en ook natuurlijke fenomenen een ziel of geest bezitten. Ook het sjamanisme kenmerkt zich door het geloof in een bezielde wereld. Door middel van bepaalde technieken, die resulteren in trance toestanden, werd er contact gelegd met deze geestenwereld.

De term sjamanisme komt van het Toengoezische šaman; ša betekent weten, een sjamaan is letterlijk “iemand die weet”.

Het woord sjamaan die wij nu veel gebruiken duidt in feite op al de medicijnvrouwen en mannen, de priesteressen en priesters, de Volva, de heksen, de hagedessa, de Udigan, de zieners, de curandera enz…

Animisme en sjamanisme zijn levenswijzen en levensvisies zo oud als de mensheid zelf, die overal ter wereld voorkwamen en nog steeds voorkomen, van Siberië tot Europa, beide Amerika’s, Afrika, Azië en Australië. Overal volgden zij, in grote lijnen, dezelfde rituelen, namelijk om met bepaalde technieken een “innerlijke reis” te maken om in contact te komen met de geesten en om zo antwoorden te krijgen op gestelde vragen.

Sjamanisme is zonder twijfel de oudste en ook de meest verspreidde wereldreligie.

Het is bewezen dat trance de geest kan verruimen, in de zin dat het nieuwe verbindingen maakt tussen de breincellen. Met andere woorden, trance zorgt ervoor dat ons brein groeit. Contact zoeken met “het andere land” zou dus een geschikte methode kunnen zijn om dingen beter te begrijpen, problemen op te lossen en beslissingen te nemen. Net als dromen die je een kijk kunnen geven op een bepaalde situatie. De trance of de sjamanistische reis (shamanic journey) werkt ongeveer op de zelfde wijze behalve dat men niet slaapt maar (min of meer) bewust blijft.

machi-bij-de-mapuche-1903

 Vrouwelijke drummers/sjamanen bij de Mapuche – 1903

Een bekende techniek om een trance toestand te verkrijgen is die van het ritmisch drummen. Daarnaast zijn er ook een aantal technieken waarbij zang, ademhaling en lichaamshoudingen aan te pas komen, o.a.

In trance toestand speelt imaginatie of beeldvorming een belangrijke rol. Wij hebben, in ons westers denken, imaginatie een minderwaardige rol toebedeeld, het zijn “maar” denkbeelden en dus waardeloos. Maar imaginatie is net een belangrijke menselijke gave, het is een symbolische beeldtaal die ons helpt bij het begrijpen van het verborgene.

Wanneer men in een staat van trance is, openen de kanalen waar Energie kan doorstromen. Deze energie is de universele krachtbron. Deze krachtbron uit zich als Eenheid, Vibratie, de bron van al. Om dit toe te laten moet er een openheid van geest zijn, een loslaten van denkpatronen.

Het is dus goed om vrije loop te geven aan onze imaginatie en als men tegelijkertijd ook de geest zoveel mogelijk kan vrij maken van gedachten, dan kan er daadwerkelijk ruimte gemaakt worden voor het nieuwe en het ongekende. Want gedachten zijn altijd oud en staan daarom in de weg van nieuwe ideeën en visies. Het lichaam zelf speelt hierin een centrale rol, als verzender en ontvanger van vragen en antwoorden.

In oude animistische wereldtradities gaat men ervan uit dat deze ideeën en visies ons worden geschonken door de Geesten. Tenzij door plantengeesten, beschermdieren, natuurgeesten maar ook goddelijke entiteiten en zelfs stenen, mineralen, de wind, het water, vuur, aarde en dergelijke. Dat deze geestelijke entiteiten verschillen van land tot land maar ook van persoon tot persoon is dus in de context van wat er hierboven gezegd werd totaal begrijpelijk en als men er een beetje dieper over nadenkt helemaal niet mysterieus. Sjamanistisch reizen en/of trance is dus helemaal niet exclusief voorbehouden aan een paar individuen maar is juist een heel menselijk vermogen. Waarmee ik niet wil beweren dat iedereen zomaar sjamaan, genezeres of priesteres is of kan worden, daar is nog wat meer voor nodig, zoals specifieke gaven en een bepaalde gevoeligheid.  Maar het zogenaamde sjamanistisch reizen kan wel degelijk door ieder die daar wat voor voelt gedaan worden, op een veilige manier. Ik meen zelfs te denken dat het een noodzakelijkheid is om als gezonde en intelligente mensen te functioneren, zeker in deze ontspoorde wereld.

room-with-a-view-mist

Vlierbessen “balsamico” azijn…

 

harvesting Elderberries Urd ar Brunnr

Ze komen er weer aan, de vlierbessen !  Ik ben dus goed op tijd met deze vlierbessen balsamico recept.

Maak, proef en geniet een heel jaar van deze verrukkelijke azijn.

Recept vlierbessen azijn

Men heeft nodig om plus minus 3 liter vlierazijn te maken:
800 gr rijpe vlierbessen, verwijder de licht giftige groene en rode bessen en de steeltjes.
1,5 liter rode wijnazijn
1 kg honing OF 1 kg suiker naar keuze
(Ik meen dat het met honing gezonder is dan met suiker maar ik heb het ook al met suiker gemaakt, dat gaat prima al is de smaak echt anders)

vlierbessen azijn 1

 

In een grote kom legt men de vlierbessen en plet ze lichtjes met een houten lepel, zorg ervoor dat de zaden niet beschadigd worden !
(de zaden bevatten de licht giftige stof sambunigrine, die door koken onschadelijk wordt gemaakt)
Giet de rode wijnazijn over de bessen, bedek met een fijne doek.
Laat dit mengsel een vijftal dagen rusten.
Filter het sap van de bessen en pers ze goed uit,.
Breng de vlierbessensap-azijn vloeistof aan de kook en
Laat een drietal minuutjes zachtjes koken, zonder deksel.
Laat de pan in een bak met koud water afkoelen.
Suiker moet nu toegevoegd worden maar indien men honing gebruikt laat men de vloeistof eerst lauwwarm afkoelen alvorens de honing toe te voegen.
Goed roeren tot de zoetstof volledig opgelost is.
Na afkoeling, in flessen gieten, etiket op plakken en voila !

 

vlierbessen azijn 3

ja, het gaat er wat bloederig aan toe…

 

vlierbessen azijn

Smaakt verrukkelijk als sla dressing!
Gelijkt een beetje op de Italiaanse Balsamico azijn
vandaar de naam 🙂

 

De wijze vrouw en haar magische kruiden

plant spirit Vesna - UkrainePlant Spirit Vesna – Ukraine

Vele vrouwen voelen zich aangetrokken door de praktijk van de kruidengeneeskunde. Het verwerken van planten om allerlei dranken, zalven en geneesmiddelen te bereiden is nog steeds een activiteit die voor het overgrote deel door vrouwen beoefend wordt. Het verzorgen van zichzelf, familie en kennissen met kruiden is nu eenmaal iets wat vele vrouwen altijd heeft aangesproken. Volgens mij is dat omdat wij als vrouw duizenden jaren met geneeskrachtige planten gewerkt en ritueel gebruikt hebben. De band die daardoor ontstond is nog sterk zichtbaar in onze dagdagelijkse gebruiken maar is nu een beetje verborgen onder een dikke laag wetenschappelijk stof, letterlijk en figuurlijk.

Ik wil het graag hebben over die passie voor geneeskruiden die ik zelf ook heb. Kruiden, planten en bomen zijn al heel mijn leven mijn beste vrienden. Ze geven mij steun, voedsel, raad en genezing maar ook spirituele kracht en diepe inzichten in het leven zelf. Ik benader planten vooral intuïtief, niet dat de wetenschappelijke benadering mij niet ligt maar omdat het nu eenmaal zo is dat planten mij altijd al aan-gesproken hebben op hun typische non-verbale manier en zo hun oeroude kennis af en toe met mij hebben willen delen. Planten weten zo veel meer dan wij mensen, ze zijn onze allerbeste leraressen en leraars. Sommige van die planten zijn echt heel wijs, veel mensen beseffen dat niet. Onzin zeggen ze dan. Onze voormoeders kenden die benadering goed maar er zijn spijtig genoeg weinig of geen geschreven bronnen die daarover getuigen. Wat niet wil zeggen dat die kennis er nooit geweest is, maar geleidelijk werd al die wijsheid verborgen of vernietigd en al wat ons overblijft nu is een vaag gevoel van magie die sommigen onder ons hebben maar waarvan wij niet goed weten hoe het terug te winnen. De wegen naar de oeroude plantenkennis zijn niet vanzelfsprekend maar ze zijn er wel degelijk. De sleutelwoorden hierbij zijn: een zekere gevoeligheid, een intuïtieve benadering en goed geaard zijn, ik bedoel daarmee: er moet een sterke fysieke band met Aarde ontwikkeld zijn. Denk daarbij ook eens aan de betekenis van de woorden: aard-ig zijn en ont-aard zijn, bijvoorbeeld.

De zogenaamde hekserij is een overblijfsel van een pre-christelijk volkse levensbeschouwing, waarbij de natuur en haar cycli van geboorte en dood en alles wat daar tussen ligt, de hoofdrol speelde. Een natuurreligie dus, die in heel Europa bedreven werd en nu ook, hier en daar, vooral in Oost Europa in een verzwakte vorm, nog bestaat. De vruchtbaarheid van planten, dieren en mensen was het belangrijkste aspect, het gebruiken van planten voor medicinale, magische en spirituele doeleinden maakte simpelweg deel uit van het alledaagse leven. Dat het vooral vrouwen waren die zich bezig hielden met magie en kruidenmedicijnen is bekend. Het was het werk van de wijze vrouwen. Zij werden vroeger wijze vrouwen genoemd omdat zij de wijsheid (of waarheid) kenden over de dingen des levens, over geboorte en dood, zoals in het Franse woord “sage-femme” (vroedvrouw) een woord dat nu nog gebruikt wordt. De vroedvrouwen waren de eersten die door de kerk zijn vervolgd, gefolterd en vermoord met als excuus het beoefenen van hekserij waarbij de zogenaamde duivelsaanbieding een grote rol speelde. Deze wijze vrouwen werden ook als een bedreiging gezien door de opkomende artsenijpraktijken van de “geneesheren” die uiteraard enkel door geleerde mannen mochten beoefend worden en die geen concurrentie van volkse vroedvrouwen duldden.

DoulaOil painting – Sandra Bierman

de doula helpt moeder en pasgeborene

Men kan in oude kruidenboeken lezen dat de werking van vele van deze kruiden zich meer specialiseerden op de  vrouw, met haar “vrouwenkwesties” en haar “kwalen” zoals maandstonden, onvruchtbaarheid,  zwangerschap, bevalling en menopauze, en wat misschien minder geweten is: de kennis van de natuurlijke contraceptieve middelen. Het ging uiteraard niet over haar “kwalen” maar vooral over haar vruchtbaarheid en bijhorende cycli. Zo werd in oude boeken over “bloetsucht” gesproken : als synoniem van vrouwenkwaal/zaak. Die “zaken” die nu ook nog regelmatig als “een vloek” beschouwd worden. Maar vroeger werd de vruchtbaarheid van vrouwen als wonderbaarlijk en sacraal beschouwd. Zij had dan ook zelf controle over haar eigen lichaam. Zij had een gezonde seksualiteitsbeleving met partners die zijzelf uitkoos. Zij besliste zelf of zij een kind zou dragen of niet, op het tijdstip die zijzelf bepaalde. Bevallen gebeurde op natuurlijke wijze, op een spirituele manier zelfs (zonder de extreme pijnen of angsten die zo typerend zijn voor onze tijd en die ten alle tijden moeten vermeden worden door bv epidurale verdovingen), met de hulp van andere vrouwen, vroedvrouwen en doula’s, en met de juiste ondersteunende kruidenkennis. Ook werd er veel aandacht besteed aan magische rituelen en het aanroepen van goedaardige vrouwelijke geesten om het kind en de moeder te beschermen.

Over “mannenkwalen” vind men in de oude kruidenboeken veel minder informatie. Elke hedendaagse herborist(e) heeft zich daar wel eens vragen over gesteld.

Liber TrotulaIllustratie uit de Liber Trotula, zie info onderaan

En dat deze wijze vrouwen op het eind van de middeleeuwen, maar ook nog in de zogenaamde “verlichting” periode ook “Eeuw van de Rede” genoemd (ongeveer 1650 tot 1800), omgedoopt werden als “heksen” en dus als kwaadaardig beschouwd werden is goed geweten. Dat de kennis van de natuur, haar wezens en haar wonderen, in dezelfde periode ook is gedemoniseerd, is dus geen toevalligheid. Terwijl het christendom in de middeleeuwen al zo machtig geworden was dat ze alle andere levensbeschouwingen en natuurreligies kon onderdrukken, waren het vooral de kloosterlingen, ironisch genoeg, die zich bezig hielden met magische praktijken. Het is door de meeste mensen niet geweten dat de zogenaamde heksenkruiden vooral door paters in hun kloostertuinen aangeplant werden, planten waar zij veel mee geëxperimenteerd  hebben, planten zoals bv. bilzekruid, belladonna en de in zuid Europa groeiende mandragora of alruin waren goed gekend door diezelfde paters.

Terwijl het net de volkse vrouw geweest is, en niet de pater, die op de brandstapels eindigde voor haar eeuwenoude kennis en geheimen over de magische en narcotische kruiden. Die kennis was haar zonder twijfel voor een groot deel afgetroggeld door kerkelijke inkwisitoren. Het is ook geweten dat vele oude geschriften, boeken en bibliotheken vernietigd en verbrand zijn, onder het mom van het uitdrijven van duivelse praktijken. En iedereen weet dat het Vaticaan een immense bibliotheek heeft verzameld met veilig opgeborgen oude boeken die elders door kerkelijke machtshebbers vernietigd zijn geweest. Deze Vaticaanse bibliotheek is nu nog steeds alleen toegankelijk voor een paar duistere ingewijden. Allemaal kennis die ons afgenomen is en waar wij recht op hebben! De paters hebben trouwens nog meer van de volkse wijze vrouwen afgenomen namelijk de kennis over het brouwen van graanbieren, fruitwijnen en honingmedes. Het brouwen van gefermenteerde dranken is trouwens in alle oude culturen ter wereld altijd al het werk van de vrouwen geweest. Ook deze dranken zijn op basis van kruiden en ook hebben ze een zekere bedwelmende invloed op de geest. Men zegt niet voor niets : geestrijke dranken. Deze licht alcoholische dranken zijn anders dan sterke drank, die worden gedistilleerd en zijn dus veel meer geconcentreerd en gevaarlijker voor de gezondheid, hier zijn dan weer de alchemisten verantwoordelijk voor. Maar de honing mede bijvoorbeeld, een laag alcoholische gefermenteerde drank, is in vele Oud-Europese culturen met veel rituelen gebruikt, vergezeld van belangrijke spirituele contexten. Om het kort te zeggen: een godendrank ! Ook daar weten we nog maar weinig over, het maakte ook deel uit van dezelfde oeroude kruidenkennis van de wijze vrouwen.

De kennis over de magische kruiden werd dus enerzijds als kwaadaardig beschouwd, “des duivels” als het door volkse vrouwen gebruikt werd en goedaardig of goddelijk als het door kloosterlingen gebruikt werd, al moet er wel gezegd worden dat deze kennis angstvallig geheimgehouden werd (en nog wordt) want alles wat als magisch bestempeld was is een aanval op de almachtige god en een misbruiken van zijn soevereiniteit, god duld geen rivalen en zelfs de duivel word door hem geaccepteerd als kwaadaardig concurrent, zo krijgt het kwade een persoonlijke, menselijke vorm. Dat de duivel, een uitvinding van de kerk, zelf geen vrouwelijke figuur werd is eigenlijk onbegrijpelijk aangezien de constante vrouwenhaat van de patriarchale kerk, dat heeft te maken met het feit dat Satan een machtige figuur is en vrouwen altijd zwak zijn in de ogen van de kerkvaders.

Dat Jesus himself zieken genas door handoplegging, net als vele heiligen en dat priesters demonen en andere poltergeisten uitdrijven zijn onmiskenbaar magische praktijken die oorspronkelijk heidens van aard waren.

Hildegard von Bingen (1098-1179)Hildegard von Bingen (1098-1179)

Enkel die vrouwen die onder de “bescherming” van de kerk leefden zoals nonnen, klooster abdissen en begijnen konden zich veroorloven om min of meer ongestraft met magische kruiden te werken. De bekendste is uiteraard Hildegard von Bingen, van wie men weet dat zij identiek diezelfde kruiden en planten gebruikte dan de zogenaamde heksen. Dat zij de hallucinogene kruiden goed kende en zelf gebruikte is iets waar niet dikwijls over geschreven word, beter is het om deze bekende klooster abdis voor te stellen als een vrome, godvrezende vrouw. Ook Jeanne d’Arc kende de werking van sommige planten goed, doordat zij als jong herdersmeisje kennis had van de oude heidense rituelen die nog levendig waren op het platteland en in het dorp waar zij woonde (Domrémy-la-Pucelle). Al heeft Jehanne, zoals haar volkse naam was, niet kunnen ontsnappen aan de brandstapel terwijl zij en Hildegard beiden later door de kerk als heiligen omgedoopt werden.

Het feit is en blijft dat de mens al duizenden jaren planten gebruikt heeft voor spirituele doeleinden, door de sjamanen, priesteressen, wijze vrouwen, medicijnvrouwen en mannen. En men vergeet soms ook dat onze farmaceutica ontstaan is uit de eeuwenoude volkse kennis van de planten, bomen en kruiden.

Men kan zich de vraag stellen of niet alle religies gebaseerd zijn op de oude kennis en ritueel gebruik van planten. Er wordt ook wel eens gezegd dat het gebruik van de hallucinogene planten door onze voorouders ervoor gezorgd heeft dat ons bewustzijn geëvolueerd is, menselijker geworden is. Van daaruit zou cultuur, het spirituele en ook religies ontstaan zijn. Toch is er steeds een vorm van schijnheiligheid, ontkenning en uiteindelijk verwerping van de oude kennis, telkens één van die religies groot en machtig wordt. Typisch aan dit patriarchaal denken is dat zij ervoor zorgden dat het gewone volk geen recht meer heeft op een persoonlijke spirituele beleving maar dat enkel een elite van priesters diegenen zijn die toegang hebben tot de oeroude geheimen en technieken van het sacrale. Dat de volkse wijze vrouw zo gehaat werd heeft een misogyne oorsprong , het patriarchaat heeft altijd al een enorme angst en onbegrip gehad voor het mysterieuze vrouwelijke en vooral de seksualiteit van de vrouw vinden zij angstaanjagend. Want de christelijke leiders wisten heel goed dat de vrouwelijke seksualiteit een grote kracht bezit waar zij niet konden aan tippen en dus moest die gecontroleerd en bedwongen worden. Met alle vervolgingen en uitroeiingen van dien.

Mijn persoonlijke ervaring met magische kruiden heeft die link met de vrouwelijke seksuele kracht en het spirituele duidelijk naar voren gebracht. Het is zeker geen toeval dat kruiden vooral gebruikt werden om de vruchtbaarheid te bevorderen. Vruchtbaarheid is onmiskenbaar gekoppeld aan een gezonde seksualiteit en een krachtige lichaamsenergie. Om een sterk spiritueel wezen te zijn moet men eerst en vooral zijn eigen lichaam gezond maken want een gezond en energetisch lichaam is de poort tot spiritueel werk. Daarom spreekt men over immanentie als het vrouwelijke aspect van spiritualiteit. Het spirituele is immers immanent aan het lichaam en dat is iets dat vele vrouwen intuïtief weten. Het transcendente kan ook alleen ontstaan daar waar immanentie eerst begrepen en vooral echt beleefd wordt.

Wordt vervolgd…

Te lezen:

“Noch een andere Recipe de wortele van meeden, die welghestoeten ende ghebonden vor de wijflichede. Dit doet commen menstruum. Ende es de moeder versluust, dat die aderen niet moghen hebben haren ganc, ofte te seere verhart, dan moet men nemen een lijnen sackelkin, in de groete van eenen vinghere, aldus ghemaect. Ende dat vullet met ghesoden loecke, ghestampt, met olie van oliven. Ende dat diepe ghesteken in de moeder, dat sal die aderen ontdoen. Ofte nemt eene clister allium ende die clister stect in de moeder alsoe diepe als men mach. Dat doet dat selve”

Een bekend middeleeuws schrift over vrouwengeneeskunde en kruiden is het Liber Trotula manuscript        

Trotula is een naam die verwijst naar een groep van een drietal teksten over vrouwen-geneeskunde, de Trotula, die werden gecomponeerd in de Zuid-Italiaanse havenstad van Salerno in de 12e eeuw. De naam is afgeleid van een historische vrouwelijke figuur, Trota van Salerno, een arts en medische schrijfster die werd geassocieerd met een van de drie teksten. Deze Trotula teksten werden op grote schaal verspreid in heel het middeleeuwse Europa, van Spanje tot Polen, en Sicilië naar Ierland.

Ook in de Openbare Bibliotheek Brugge is er een zogenaamde Liber Trotula. Dit laatmiddeleeuwse manuscriptje bevat een tekst in de volkstaal over vrouwengeneeskunde. De anonieme auteur – het werk wordt toegeschreven aan de vrouwelijke arts Trota uit Salerno – heeft het vooral over de baarmoeder, menstruatie, onvruchtbaarheid en bevallingen.

Het Liber Trotula staat voor een lange traditie van praktijkgerichte, medische handboeken die teruggaan op een Latijnse tekst uit de 12de eeuw. Binnen deze traditie vormt het Brugse handschrift, samen met een handschrift in Kopenhagen en een in Hamburg, een aparte groep. De vertaling in het Nederlands kwam wellicht in de late middeleeuwen in westelijk Vlaanderen tot stand.

Lees meer: de volledige tekt van de Liber Trotula in het oud-Nederlands:

http://www.historischebronnenbrugge.be/index.php?option=com_content&task=view&id=69&Itemid=114

Voynich manuscript

ik wou ook nog dit vermelden, er is een oud boek, een mysterieus, geïllustreerd handschrift met een onbegrepen inhoud genaamd het Voynich manuscript. Het werd in de 15e eeuw door een onbekende auteur geschreven. Het schrift, geschreven in een onbekende taal, is nog niet ontcijferd. Het document bevat tal van mysterieuze plant illustraties en er zijn ook veel, meestal naakte, vrouwen getekend in allerlei situaties en rituelen, er komen helemaal geen mannen aan te pas eigenlijk.

Maar er is een Amerikaanse vrouw, Claudette Cohen, die zegt dat zij die wel degelijk kan ontcijferen, volgens haar gaat het om een oud Scandinavisch of eigenlijk een Finno-Ugrisch boek, door vrouwen en voor vrouwen geschreven. Neem eens een kijkje op haar blog, het is een absoluut fascinerend verhaal die mij wel aanspreekt:

http://voynichbirths.blogspot.fr/

“The Voynich manuscript originated in northern Europe. The many women drawn in it are central instead of peripheral to it. They themselves actually wrote and drew it.
They were depicting themselves performing a shamanistic water/cave ritual celebrating the sempiternal cycle of nature manifest in the seasons and in the span of human life from birth to death. The backdrop for this ritual is north European (Finno-Ugric) cosmology that reaches back into the Neolithic. Sauna/banya, still enjoyed today, echo these ancient rites, as do pilgrimages to sacred springs that have been in more recent times dedicated to saints, as well as several seasonal festivals, such as one known in English as Twelfth Night.”

Ze heeft ook een publieke groep op fb: Voynich keys

Oogstfeest…

Feestdagen zijn niet meer wat ze geweest zijn. Vandaag worden feestdagen geassocieerd met verlof of vrijaf die men dan krijgt om iets te vieren en te herinneren aan wat ooit gebeurd is zoals de kroning van een illustere koning, het einde van een wrede oorlog, de geboorte van een bekend persoon, de dood van een heilige, een heldendaad enz…

Vroeger waren feesten altijd gekoppeld aan de omringende natuur en haar cycli. In augustus, met volle maan, werd er door onze voorouders oogstfeest gevierd.  Het was het einde van de warmste zomerdagen, de dagen werden duidelijk korter, veel van wat men in het voorjaar gezaaid had was nu rijp en de hele gemeenschap ging na een aantal dagen hard labeur op de velden nu wat rusten. Dit werk werd door de hele gemeenschap gedaan, volwassen, ouderen en kinderen, iedereen droeg zijn steentje bij, het was nu tijd om wat te ontspannen en te genieten van de oogst. Lekkere, overvloedige maaltijden werden voorbereid, honing mede en fruitwijnen werd geserveerd, er werd gedanst, gezongen, gelachen en geliefkoosd.

De oogst, of het nu geneeskruiden waren of granen, gebeurde vroeger ook meestal op basis van de maanstanden. De zeven dagen vóór volle maan zijn in vele oude Europese tradities de ideale oogstdagen. Daarom is volle maan de juiste tijd om feest te vieren, na het oogsten dus. Ook omdat het dan ‘s nachts verlicht was natuurlijk.

De volgende volle maan is op 18 augustus, deze valt ook midden tussen de zomer-zonnewende en de herfst equinox en is dus een goede oogstmaan volgens mij. Maar in een recent verleden vierde men de oogsttijd rond 1 augustus.

wat fruit geoogstHet eerste fruit

Op 1 augustus viert men in de Keltische landen Lughnasadh (spreekt uit: loe-na-sah) in het Iers is Lunasa de maand augustus. In de Angelsaksische streken spreekt men over Lammas, of ook het feest van het eerste fruit “the feast of first fruits“.

De god Lugh zou aan de basis zijn van de naamgeving, het verhaal gaat dat deze god zijn stiefmoeder Tailtiu ten grave draagt, zij is immers gestorven, uitgeput van het zware oogsten. Om haar te herdenken wordt er dan een soort sportcompetitie georganiseerd (Áenach Tailteann) waar de mannen hun fysieke sterkte kunnen bewijzen, zoals in de Olympische spelen van vandaag. Historisch gezien is deze Áenach Tailteann een goede tijd voor het tonen van sterkte en vakmanschap, ook voor huwelijken zou het een ideale periode zijn.

 

The Festival of Lughnasa, a study of Lughnasadh by folklorist Máire MacNeill,

A solemn cutting of the first of the corn of which an offering would be made to the deity by bringing it up to a high place and burying it; a meal of the new food and of bilberries of which everyone must partake; a sacrifice of a sacred bull, a feast of its flesh, with some ceremony involving its hide, and its replacement by a young bull; a ritual dance-play perhaps telling of a struggle for a goddess and a ritual fight; an installation of a head on top of the hill and a triumphing over it by an actor impersonating Lugh; another play representing the confinement by Lugh of the monster blight or famine; a three-day celebration presided over by the brilliant young god or his human representative. Finally, a ceremony indicating that the interregnum was over, and the chief god in his right place again.

Another custom that Lughnasadh shared with the other Gaelic festivals was the lighting of bonfires and visiting of holy wells. The ashes from Lughnasadh bonfires would be used to bless fields, cattle and people. Visitors to holy wells would pray for health while walking sunwise around the well. They would then leave offerings; typically coins or clooties. Lughnasadh celebrations were commonly held on hilltops. Traditionally, people would climb hills on Lughnasadh to gather bilberries, which were eaten on the spot or saved to make pies and wine. It is thought that Reek Sunday—the yearly pilgrimage to the top of Croagh Patrick in County Mayo in late July—was originally a Lughnasadh ritual. As with the other Gaelic seasonal festivals (Imbolc, Beltane and Samhain), the celebrations involved a great feast. In the Scottish Highlands, people made a special cake called the lunastain, which was also called luineanwhen given to a man and luineag when given to a woman. This may have originated as an offering to the gods.

 

my harvest for todaymijn eigen bescheiden oogstjes

Heden ten dagen is er bijna niemand meer die meedoet aan het oogsten van het graan, buiten de landbouwers die met hun reusachtige pikdorsers, het liefst ook ’s nachts, hectares graanakkers in een recordtijd kaal oogsten. Wij hebben dus ook geen aangelegenheid meer om een echt oogstfeest te vieren met alles wat daar bij hoort. Maar voor ieder van ons die, hoe minimaal ook, zelf wat gezaaid heeft, groenten, fruit, kruiden of bloemen is het zeker de moeite waard om juist nu in deze periode de natuur te eren door wat te oogsten om een leuke feestmaaltijd met vrienden en familie of het hele dorp te organiseren.

Vaccinium_myrtillus
De blauwe bosbes (Vaccinium myrtillus)

Ook de bosbessen kunnen nu geplukt worden. Mmmm! lekkere jam maken of taart, ook bosbessenwijn ga ik dit jaar eens uittesten.

Ik maak rond deze tijd ook een aantal “oogstpoppetjes”

In vele tradities wereldwijd werd bij het oogsten van de graanvelden uit de laatste schoof een figuurtje gevlochten, een oogstpoppetje, in het Engels “corn dolly” of “corn mother” genoemd.Het woord dolly zou afkomstig zijn van “idol” of afgod. De geest of spirit van het graan zou in het graan-figuurtje de winter veilig in huis door brengen om het dan in het voorjaar terug aan de Aarde te schenken, aan de nieuwe akker. Zo word de volgende oogst versterkt en vruchtbaarder gemaakt. Alles draaide rond respect voor al wat leefde en bezield was. Zie hier wat voorbeelden.

 

dream catcher and corn dollie II

hier eentje die ik een paar jaar geleden gemaakt heb, gekoppeld aan een dromenvanger geeft het het geheel een zekere vrouwelijk symboliek

 

We leven in destructieve en deprimerende tijden waarbij velen zich afvragen hoe het zover is kunnen komen. Het is volgens mij belangrijk te begrijpen dat de relatie die wij vroeger hadden met Aarde, en die nu ver te zoeken is, net datgene is die destructie en depressie kan tegenwerken. Die band met Aarde kan simpelweg hersteld worden door kleine rituelen te herintroduceren waarbij de ritmes van de natuur geëerd worden. Rituelen zijn onmisbaar om feest te vieren. Feest is synoniem aan eenheid. En eenheid is wat de mensheid nodig heeft nu.

Prettig Oogstfeest…

 

 

Maak zelf je lavendel fakkeltje…

Verfris je linnen en parfumeer je linnenkast met heerlijke lavendelgeur en handgemaakte lavendelfakkeltjes. Heb je ooit een reisje naar het zuiden van Frankrijk gedaan, dan ben je ze zeker tegengekomen, de gevlochten, geurende lavendelfakkeltjes uit de souvenirwinkeltjes.

harvesting Lavender in Drôrme Provençale

Vers geoogste lavendel uit de Drôme Provençale

Zoals beloofd, hier mijn post over hoe je een lavendelfakkeltje maakt.

Lavendel linnenverfrisser
Breng de Provence in huis en maak ze voor jezelf en voor vrienden en familie. Deze lavendelfakkeltjes worden al honderden jaren op dezelfde manier gemaakt en koppelen het nuttige aan het aangename door hun lekkere geur, hun ontsmettende werking en hun mooie vorm.

Lavandula stick2
Lavendel
Aangezien wij nu overal in de lage landen lavendel aanplanten hoef je niet naar het zuiden te gaan om deze ouderwetse maar zeer effectieve linnenverfrissers in je bezit te hebben. De lavendel soort die hier het meest wordt aangeplant is de Lavandula angustifolia ook wel L. officinalis genoemd, de echte of wilde lavendel. Maar hier en daar vind je nu ook een andere soort met langere stengels, de Lavandula X intermedia of de lavandin die in het zuiden heel veel gekweekt wordt. Het maakt niet uit welke soort je gebruikt, de echte lavendel is iets fijner van geur en de lavandin is groter.
Wat heb je nodig:
• Uit je eigen tuin pluk je van juni tot juli 15 takjes bloeiende lavendel met stengels die je zo lang mogelijk knipt
• Een stuk wol of katoen of een mooie lint in satijn of katoen van ongeveer 2 meter lang
• Een schaar
• Een beetje concentratie

Hoe ga je te werk:
Knip of knijp eerst de blaadjes langs de stengels weg, de bloemen laat je staan zodat je een glad stokje heb met aan het eind mooie bloemetjes. Neem de 15 stengels bij elkaar en zorg ervoor dat de onderkant van de bloemhoofden min of meer op de zelfde hoogte liggen en maak het bundeltje met het stukje touw of lint iets onder de bloemhoofden vast.
Draai nu het tuiltje om, dat werkt makkelijker, plooi nu voorzichtig een stengel naar beneden toe, over de bloemen. De plooi moet net boven het vastgemaakte lint liggen, het lint plaats je nu naar rechts bovenaan de geplooide stengel, dan breng je de tweede stengel naar beneden. Het lint lig nu onder de tweede stengel, dan leg je het lint eventjes terug naar links om de derde stengel naar beneden te plooien, het lint nu terug naar rechts brengen, één boven één onder. Met de overige stengels, ga je op dezelfde manier verder, met het plaatsen van het lint en het plooien, net zoals bij een mandje of vlechtwerk.

Zorg ervoor dat alle stengels netjes en op een gelijkmatige manier geplooid worden en dat de eerste en de laatste stengel elkaar niet overlappen. De eerste rij is de belangrijkste rij omdat het de basis vormt voor het verdere vlechtwerk. Na de 15 stengels omgeplooid te hebben liggen de bloemen nu onder de stengels die nu op hun definitieve plaats liggen. Omdat 15 een onpaar getal is ga je bij de tweede rij net omgekeerd aan het vlechten, 1 boven/1 onder, ga zo verder, het lintje leg je in een spiraalbeweging naar rechts tot al de bloemen bedekt zijn.
Naarmate het werk vordert ga je de vorm iets breder maken omdat de bloemen wat volume geven en naar het einde ga je terug wat versmallen. Zorg ervoor dat het lintje goed aansluit bij de vorige rij en dat alle bloemetjes binnen het vlechtwerk blijven. Hou het ook redelijk strak want bij het drogen gaat er wat volume verloren en gaan de bloemetjes wat los komen.
De stengels moeten tijdens het weven op de zelfde plaats blijven, verticaal naast elkaar. Als je voorbij de bloemen bent ga je al de stengels op gelijke hoogte afknippen zo’n 5 à 7 cm overhouden na de bloemen. Met de rest van het lint ga je spiraalsgewijs de stengels bedekken tot het eind en daarna op dezelfde manier terug spiraalvormig draaien naar de bloemen toe dan eindig je met een strik te maken, et voila!
Nu hang je het lavendelfakkeltje te drogen en na een tijdje kunt je hem gebruiken als linnenverfrisser of als decoratie. Om de geur te versterken neem je de fakkel tussen beide handen en rol je hem zachtjes heen en weer om de geur te activeren, mmm…. Heerlijk! En het leuke is: na één jaar geeft hij nog steeds geur af.
Het vlechtwerk vergt in het begin een beetje aandacht maar na een tijdje begin je dit heel leuk te vinden en ontspannend en voor je het weet heb je er een dozijn gemaakt. Je kan het lint ook vervangen door andere materialen zoals crêpe of ander papier, koord, katoen, wol of repen tule of ander stof, wees creatief!

fuseau-lavande-bicolore-violet-blanc-1http://fuseauxdelavande.fr/

Indien je liever een breder exemplaar wil maken en een breder lint mooier vind, moet je twee/twee of zelfs drie/drie weven en dubbel zoveel stengels gebruiken. Zo worden ze meestal verkocht maar mijn versie is gemakkelijker te maken en vind ik persoonlijk ook mooier maar dat is een kwestie van smaak.

fuseau de lavande

Kruiden, kruiden en nog eens kruiden…

Hoewel er hier het hele jaar door allerlei materiaal uit planten en bomen geoogst wordt, begint de oogsttijd nu echt wat mij betreft, elke dag wordt er wat geplukt, geknipt, ingebonden of bereid. Es-blad voor een “Yggdrasil” wijntje. Goudsbloemen voor een wondhelende zalf, St Janskruid voor olie en tinctuur, duizendblad, moederkruid, agrimonie, lavendel, tijm, vrouwenmantel, munt en ik vergeet er een paar, als geneeskruiden. Bijvoet, Chinese moxakruid, Spaanse salie en reukgras als smudge en wierook materiaal. Voor de kleurstofplanten: wede, Japanse indigo, toorts, Turkse rabarber, Hopi amaranth, slaapbol bloemen, coreopsis en gele kamille is het nog net iets te vroeg…

harvest season has startedde kleine open veranda aan de voordeur is de ideale plek om wat kruiden te laten drogen

wede zaad geoogstHet zaad van de wede, een tweejarige plant waarvan het blad een blauwe verfstof geeft, is nu rijp. Die zaai ik deze zomer nog in de kleurstof border.

St Janskruid tinctuurSt Janskruid op alcohol laten trekken, de vloeistof wordt na een paar uur knalrood, deze tinctuur is ideaal om in te nemen tegen de winterblues

materiaal lavendel fakkeltjes UrdOok lavendel is nu te oogsten, de bloemetjes gebruik ik voor allerlei toepassingen: als toekruid in de sla, als geurstof in rookmengsels, om siroop mee te maken, als bloemenwater of hydrolaat en hier in geweven geur-fakkeltjes om de linnenkast te parfumeren en van motten te vrijwaren, een vlechttechniek die ik geleerd heb toen ik nog in de Franse Drôme streek woonde.

provencaalse kruiden klaar om te verwerken

Mijn vriend heeft pas allerlei Provençaalse kruiden meegebracht uit diezelfde Drôme-streek. Zaad van de Laserpitium siler, tijm – Thymus vulgaris chemotype geraniol, lavendel – Lavandula angustifolia (la lavande sauvage) en Lavandula hybrida (lavandin), jeneverbes – Juniperis communis en cade – Juniperus oxycedrus, allemaal klaar om te verwerken, veel werk aan de winkel dus… foto ingrid anna

plant medicineAllerlei plaatselijke kruiden worden verwerkt in geurende mengsels als wierook of als geneeskrachtige kruidenthees of als basis voor zalven.

officine

Mijn favoriete kruiden-werkplek… de Officine zoals het vroeger in het frans genoemd werd, (lat. officina : atelier) waar al de “officinalis” genees-kruiden bewaard en bewerkt werden. Mijn dochter die nu op bezoek is heeft deze originele vintage kast geolied, onderaan: een werktafel van bij ikea.

Rose is a rose…

“Rose is a rose is a rose is a rose.” is een tekst geschreven in 1913 door Gertrude Stein als deel van het gedicht “Sacred Emily”.

rozen bloemknoppen - gedroogdgedroogde rozen bloemknoppen

 

Over de roos

De roos is waarschijnlijk in het nabije-Oosten ontstaan en werd door nomaden overal in de oude wereld verspreid. Toen de Romeinen Noord-Afrika veroverden en koloniseerden brachten ze de roos naar Italië. Zo’n 4000 jaar geleden werd er een rode roos op een muur in Knossos – Kreta aangebracht. Ramses de grote zou de roos in Egypte geïntroduceerd hebben, ze werd in vele graven teruggevonden. Rozen, oorspronkelijk uit Syrië afkomstig werden gedurende honderden jaren door monniken gekweekt. De naam Syrië betekent land der rozen. Toen Alexander de Grote Perzië veroverde en koloniseerde bracht hij de kennis van het parfumeren naar Griekenland. Later schreef Plinius over het grote nut van rozen in geneeskrachtige zalven, Marestheus beweerde dat de roos de geest kon versterken, hij was één van de eerste die de psychologische en fysiologische effecten van geuren opmerkte, ook Avicenna, die het principe van het distilleren (her)ontdekte gebruikte vooral rozen in zijn experimenten.

In sommige oude tradities staat de roos voor stilte, rust, meditatie. In de Eros mythe, schonk Eros een roos aan de Goden der stilte. Een roos aan de goden offeren zorgde voor het stilhouden van het lichaam en figuurlijk onder een roos gaan staan (sub rosa) betekende : het ontvangen en houden van een geheim.

In Europa was het in de 16-de eeuw de gewoonte om kussens te parfumeren met rozen, kalmoes, musk (een sterk ruikende afscheiding uit een klier van het muskushert.) en ambergrijs (een hard wasachtig product uit het darmstelsel van potvissen).

Bij de alchemisten werd de roos als het symbool van de ultieme perfectie beschouwd, de unie tussen het goddelijke en het menselijke. De roos wordt soms ook voorgesteld als de “Vesica piscis” het symbool bij uitstek van de vulva en dus gezien als de deur of doorgang naar het mysterie van de vrouwelijke sacraliteit. De roos is het symbool van alles wat geheim en verborgen is. Ook de rozenkruisers gebruikten de roos als symbool voor aardse en spirituele liefde.

De “Roman de la Rose” is een Frans middeleeuws gedicht over de liefde. Het was het bekendste en belangrijkste werk uit de Franse middeleeuwse literatuur, geschreven in de 13e eeuw, dat tot in de 16e eeuw populair bleef.

Ringdans roman de la roseRingdans – Roman de la Rose

en wie heeft er nu niet “De naam van de roos” van Umberto Eco gelezen?

 

Wat kunnen rozen voor jou betekenen:

Rozen worden al honderden jaren in Europa aangeplant, ze worden geassocieerd met harmonie en liefde. De roos wordt als aromatisch, geneeskrachtig, cosmetisch en culinair middel gebruikt. Ik verzamel de bloemen in hun knop om ze, gedroogd, te gebruiken in wierookmengsels, van de bloemblaadjes maak ik siroop, mede en zalf. Ook de bottels oogst ik in de herfst.

Rosa gallicaRosa gallica

Begin met een rozentuin aan te leggen, gebruik hiervoor enkel botanische, geurende soorten, vergeet die protsige veredelde cultivars (deze zijn eigenlijk hybriden met de chinese soort – Rosa chinensis ) als je tenminste graag met sterke geneeskrachtige planten wilt werken. Soorten die geschikt zijn: de apothekersroos: Rosa gallica en R. gallica officinalis ook rose de Provins genoemd – (Deze werd ooit in de twaalfde eeuw door de kruisvaarders vanuit het Oosten naar hier gebracht), de damastroos (Rosa damascena) oorspronkelijk uit Damascus, de Japanse bottelroos (Rosa rugosa) en de honderdbladige roos (Rosa centifolia – ook “rose de mai” genoemd). Van al deze soorten kan rozenwater gedistilleerd worden, o.a. voor de parfumindustrie. Rozenwater wordt ook gebruikt in de cosmetica en in de farmaceutische industrie, vooral de bloemblaadjes van de Rosa gallica vormen een basis voor medicinale toepassingen. Maar ook onze inheemse wilde rozen: de hondsroos (Rosa canina) de egelantier (Rosa rubiginosa) en de duinroos (Rosa pimpinellifolia) zijn goed te gebruiken. Deze laatste soorten worden vooral voor hun bottels gebruikt om er confituur (jam), siroop en thee mee te maken.

Rosa pimpinellifolia - Burnet Rose bushde rozenbottels van de duinroos, klaar om te oogsten

 

Rozen zijn metaforen voor de Godinnen Venus, Maria, Aphrodite en Isis, gebruik ze dus in je rituelen om de Godin te eren.

De geur van rozen trek elfjes en andere goedaardige natuurgeesten aan want haar vibratie resoneert met die van de natuurwezens.

Was je gezicht met rozenwater om er eeuwig jong uit te zien

Draag een roos in je haar om de liefde van je leven te ontmoeten

Offer ze op je altaar om je Voormoeders te eren

Neem een bad met rozenblaadjes, een beetje decadentie en luxe kan nooit kwaad !

Maak een kussentje gevuld met gedroogde rozenblaadjes om zoete dromen te verkrijgen

Maak een rozensiroop om je drankjes een godinnen-aroma te geven

Maak een rozenzalf met gedroogde bloemblaadjes om je lichaam energetisch te verwennen

rozeblaadjes - gedroogdbloemblaadjes geoogst van de de apothekersroos

De oude Griekse geneesheren gebruikten rozenwater als een verfrissende lotion. De etherische olie wordt al sinds eeuwen gebruikt als parfum. Rozenwater of hydrolaat wordt verkregen door distillatie. Als je een water distilleer toestel in huis hebt dan kan je die gemakkelijk zelf maken door je rozenblaadjes met zelf-gedistilleerd water te overgieten en zo te distilleren. Wel moet het verkregen water nogmaals gedistilleerd worden, tweemaal dus, om het beste rozen-hydrolaat te verkrijgen. Dit water kan je dan dagelijks als gezichtslotion gebruiken. Het houd je huid jong en fris. Hydrolaten blijven ook lang houdbaar. Het beste is echter te distilleren in een koperen alambic. Ooit schaf ik mij zo eentje aan.
Anders kan je eventueel ook rozenblaadjes met bronwater overgieten en eerst een uurtje laten trekken. Daarna zachtjes aan de kook brengen, leg een deksel op je pan om de etherische olie niet te laten ontsnappen, doof het vuur en laat trekken, afkoelen en filteren, pers het vocht goed uit. Dit water moet in de koelkast bewaard worden en blijft maar een tijdje goed. Eventueel een paar druppels etherische olie van rozen toevoegen.

rozenzalf

Mijn rozenzalf recept, vandaag gemaakt:

12 gram (ongeveer) gedroogde bloemblaadjes van de apothekersroos – 50 ml zonnebloemolie – 7 gram gele bijenwas korrels.
Normaal gezien zou ik eerst de bloemblaadjes een tweetal weken samen met de olie in de zon laten trekken, een maceraat dus, maar aangezien de zon dit jaar nergens te bespeuren is, heb ik dit mengsel een tweetal uur “au bain Marie” laten trekken, daarna gefilterd en uitgeperst, bij deze vloeistof de bijenwas bijgevoegd en terug eventjes “au bain Marie” laten smelten, dan snel in een potje gegoten en laten afkoelen. Ik gebruik deze geurende zalf vooral om handen en voeten in te smeren.

Rozen siroop wordt gemaakt door het dubbele van het gewicht van de rozenblaadjes in suiker toe te voegen en met voldoende water zachtjes te koken tot er een siroop overblijft. Snel in een fles gieten, afsluiten en omdraaien. Werkt goed als een mild laxatief en als maag tonicum.

Rozenbottels verzamelen na de zomer, de zaden en haren verwijderen, laten drogen, als thee gebruiken.

 

Heidense midzomer kruiden

Ik wou het nog eventjes hebben over de heidense kruiden die men vroeger met midzomernacht oogstte. Zie ook mijn post hier.  Aangezien het gisteren 24 juni was – St.Jansfeest – dus nog net in de zomer zonnewende periode, heb ik wat sporen geoogst van de koningsvaren die inderdaad nu helemaal rijp zijn. Natuurlijk heb ik eerst een cirkel rondom mij en de plant getekend. Het was wel niet middernacht maar toch bij valavond wat volgens mij ook goed is. Ik weet nog niet goed hoe ik deze sporen ga gebruiken maar ik denk dat ik ze in een zalf ga verwerken.

Osmund regalis aan de oever van de AulneKoningsvaren in volle bloei langs de oevers van de rivier Aulne

Osmunda regalis sporesOsmunda sporen verzameld

Volgens Culpeper in zijn Herbal geschreven in de 17de eeuw:

“The medicinal properties of the Royal fern. Government and virtues. Saturn owns the plant. This hath all the virtues mentioned in the former ferns, and is much more effectual than they, both for inward and outward griefs, and is accounted singular good in wounds, bruises, or the like. The decoction to be drank or boiled into an ointment of oil, as a balsam or balm, and so it is singular good against bruises, and bones broken, or out of joint, and giveth much ease to the cholic and splenetic diseases; as also for ruptures or burstings. The decoction of the root in white wine, provokes urine exceedingly, and cleanseth the bladder and passages of urine. The roots being bruised and boiled in mead and honeyed water, and drunk kills both the broad and long worms in the body, and abates the swelling and hardness of the spleen. The leaves eaten, purge the belly and expel choleric and waterish humours that trouble the stomach. The roots bruised and boiled in oil or hog’s grease make a very profitable ointment to heal the wounds or pricks gotten in the flesh. The powder of them used in foul ulcers causes their speedier healing.”

 

Hypericum perforatum - nog net niet in bloei

Het St Janskruid is nog niet helemaal in bloei, ik ga dus nog een paar dagen moeten wachten. Zouden onze voorouders het altijd stipt op 24 juni geoogst hebben? Moeilijk te zeggen, ze kenden wel niet de gevolgen van een klimaats-verandering zoals wij. De bloei van verschillende planten laat duidelijk op zich wachten en dat is zonder twijfel omdat het deze lente veel te koud is geweest.

Ijzerhard is hier in geen kilometers te bespeuren en zelfs na herhaldelijke pogingen om het hier te zaaien slaag ik er maar niet in om deze plant te bemachtigen. Dat wordt dus niks. Ik denk dat ik volgend jaar in Belgie naar deze mythische plant op zoek zal moeten gaan.

Rozen en klaver zijn hier wel te vinden. Van geurende rozenblaadjes maak ik elk jaar de aller-lekkerste mede ooit.

Rosa caninaRosa canina – de hondsroos

wordt vervolgd

 

 

Het groen is groener dan voorheen

Ben terug in Urd ar Brunnr na eventjes naar Moederland geweest te zijn. Bij mijn terugkomst ziet alles er mogelijk nog groener uit dan het al was. Groen is een mooie kleur maar ik wil nu echt wel wat meer kleur zien, het gebrek aan zon zal er zeker voor iets tussen zitten…

Yggdrasil Es

Yggdrasil de Es, de meest imposante boom bij de bron van Urd

kastanjeboom in bloei

de kastanjeboom bloeit ook groen

Hierochloe odorata

het veenreukgras (Hierochloe odorata) is nu klaar om gesnoeid en gevlochten te worden

eetbare wortel in bloei -  Daucus carotade bloemen van de eetbare wortel lijken sterk op die van haar zuster de wilde peen (Daucus carota)

coucou c'est moi padcoucou c’est moi ! Het lijkt wel of deze pad mij toelacht… Bruin is een ook een kleur

egelantier (Rosa rubiginosa)toch een beetje kleur hier en daar, de bloem van de egelantier (Rosa rubiginosa)

Rozen in de knop oogst ik nu volop om gedroogd in een wierookmengsel te gebruiken, vooral de apothekersroos is daar voor geschikt, ruikt echt hemels! Spijtig dat er op blogs geen reuken waarneembaar zijn…

guichelheil boeketjeGuichelheil – Anagallis arvensis

Een van mijn favorieten, het guichelheil, de naam alleen al maakt mij blij. Prachtige kleur, dat wel, maar de plantjes zijn heel discreet om niet te zeggen quasi onzichtbaar, ze verschuilen zich onder grotere planten. Ik ben ervan overtuigd dat dit een magische plant is en ga haar daarom ook in mijn geheim metheglin recept gebruiken. Metheglin is een kruiden mede, waarover later meer…

Alle gekheid op een stokje, guichelen (giechelen) is gezond, al wordt het afgeraden om deze plant te gebruiken wegens giftigheid, vooral de wortels.  Giftig voor het vee en andere dieren die het soms in grote hoeveelheden eten. Feit is dat het wel als volksgeneesmiddel bekend is, als urinedrijvend, bloedzuiverend en wondhelend middel en ook tegen epilepsie. En aangezien ik er maar zeer weinig van ga gebruiken, enkel een paar bloemen met wat blad en geen wortels, in een mengsel met verschillende andere kruiden, gedroogd en bovendien in een gefermenteerde vorm, meen ik te denken dat het wel zal meevallen. Ik wil het alleszins eens uittesten.

“Guichelheil (rood), Anagallis arvensis
Anagallis: volgens Linnaeus komt anagallis van het Griekse word anagelao = ik lach, omdat men vroeger meende dat melancholie werd verdreven door het gebruik van dit plantje.
Arvensis: de plant groeit meestal op akkers of groeide vroeger vaak op akkers.
Rood guichelheil: de naam guichelheil is een samenstelling van guichel = gekheid, razernij en heil = helen, omdat men meende dat het plantje geesteszieken en melancholie kon genezen. Het rood in de Nederlandse naam komt van de kleur van de bloemen.”  http://www.etymologiebank.nl/trefwoord/guichelheil

Conopodium majus - conopode dénudéConopodium majus of de Franse aardkastanje

Deze schermbloemige kende ik eerst niet, nu merk ik ze op op vele plekken in de wilde tuin. Een plant waarvan de ondergrondse knol eetbaar is, het heeft een hazelnootachtige smaak. Best wel lekker, rauw of gekookt. De bloei is tussen mei en juli, ze verliest dan haar bladeren waardoor het zoeken naar de wortel moeilijker wordt. Deze soort, die niet of zelden in België en Nederland aangetroffen wordt zou al geconsumeerd geweest zijn door de prehistorische mens. Deze aardkastanje wordt hier in Bretagne door iedereen geoogst en gegeten. Sorry voor de Franse tekst hieronder, het is gewoon wat teveel om effie te vertalen:

On parle en français de terre-noix, noix de terre ou encore châtaigne de terre. Attention, les mots terre-noix et noix de terre désignent aussi l’arachide et le Bunium bulbocastanum. Les termes gernotte, génotte, jarnotte, janotte, giernotte sont dialectaux et typique de l’ouest et du nord ouest. D’origine normande, leur distribution s’est étendue dans le lexique du Maine et de la Haute-Bretagne (gallo). Il existe aussi des formes altérées : jeanotte et jeannette, la seconde prêtant confusion avec la jeannette « narcisse des poètes » (Narcissus poeticus) ou « coucou » (Narcissus pseudonarcissus). Ces différentes variantes sont issus du vieux norrois *jarðhnot de jörð, génitif jarðar « terre » (scandinave jord, anglais earth, allemand Erde) et hnot « noix » (norv. nøtt, danois nød, suédois nöt, anglais nut et allemand Nuß), d’où le norvégien Jordnøtt « noix de terre, arachide, cacahuète », danois Jordnød « terre-noix, arachide, cacahuète », suédois jordnöt « châtaigne d’eau », « mâcre nageante (Trapa natans) » cf. aussi allemand Erdnuß « terre-noix, arachide, cacahuète ». Abernotte en Vendée qui semble être une altération des précédents.
Kraoñ–douar, keler ou kolor en Basse-Bretagne et Kokolodig en pays Bigouden.
Mugette dans les Pyrénées car on la disait très prisée par les ours bruns dans les Pyrénées françaises. Carabichou dans la région stéphanoise. En anglais groundnut, hognut ou pignut car elle serait bonne pour les cochons (pig). Castañuelas (« la castagnette ») en Espagne